Politiegeweld tegen moslima uit Utrecht resulteert uit anti-islambeleid
Op woensdag 28 januari 2026 begon op social media beelden te circuleren van twee Moslima’s die in de eerste instantie een woordenwisseling lijken te hebben met een politieagent op Utrecht Centraal. Vervolgens wordt een van de twee moslima’s door de agent aangehouden waarop de tweede moslima het voorval begint te filmen. Zonder enige verdere duidelijke aanleiding lijkt het erop dat de agent de filmende moslima een trap geeft en vervolgens de aangehouden Moslima mee probeert te sleuren.
De moslima’s hadden – zo lijkt – een verbale confrontatie met de politieagent. Overduidelijk valt op te merken dat de agent niet in gevaar was, maar juist zelf overging tot onnodig geweld door de ene moslima een trap te geven. De betreffende agent was fysiek aanzienlijk groter dan beide moslima’s en daarbij dient in acht te worden genomen dat iedere politieagent gevechtstechnieken beheerst en bewapend is met onder andere een vuurwapen.
De politie reageerde zoals gewoonlijk op ieder controversieel incident door een onderzoek aan te kondigen. En de media heeft idem in lijn der verwachting dit incident lauw opgepakt. De reden hiervoor is dat dit incident en de structurele reactie van betrokken instanties niet uit het niets komt. Dit hangt samen met het aanhoudende anti-islambeleid tegen de Moslims in Nederland.
Dit patroon, namelijk; incident, onderzoek en vervolgens stilte, draagt bij aan het gevoel dat fundamentele vragen over politieoptredens zelden publiekelijk en grondig worden besproken. Dit incident vindt dus plaats in een bredere maatschappelijke context waarin Moslima’s zichtbaar doelwit zijn van vijandigheid en discriminatie. Vrouwen die herkenbaar islamitische kleding dragen, bevinden zich op het snijvlak van religieuze, culturele en maatschappelijke spanningen. Negatieve beeldvorming in politiek en media vergroot die druk en normaliseert een klimaat waarin uitsluiting en hard optreden sneller worden geaccepteerd.
Het is daarom nu meer dan ooit van uiterst belang dat de Moslimgemeenschap in Nederland zich blijft uitspreken tegen onrecht en niet te snel in individuele denkbeelden te blijven want de Moslims zijn als een lichaam en als het ene deel lijdt, dan reageert de rest ook. De verleiding om in “nuance” naar de situatie te kijken is geen intellectuele verheffing maar spirituele zwakte. Iemaan vereist het hart om te handelen tegen het onrecht (moenkar) en op te roepen tot het goede (ma’roef).
Allah (swt) zegt:
“Jullie (moslims) zijn het beste volk wat ooit onder de mensheid verscheen, jullie bevelen het goede aan en verbieden het verwerpelijke en jullie geloven in Allah.” (Zie VBK: Soerat Ali Imran 3, vers 110)
Media Bureau Hizb ut Tahrir Nederland