TwitterFacebookGoogle+    A+A  A-                                                                                                                                                                                                                        Contact - Links - Persmap      

Menu

De voorwaarde van al ‘Adl (rechtvaardig zijn) bij het aanstellen van de Khalifah

Vraag:

As salaamoe alaikoem wa rahmatoellaahi wa barakaatoeh.

Eén van de voorwaarden van de Khalifah is dat hij 'adl (rechtvaardig) moet zijn. We gebruiken qiyaas om tot dit oordeel (hoekm) te komen, maar kan het volgende vers van de Koran ook als daliel (bewijs) voor deze voorwaarde worden gebruikt?

وَإِذا حَكَمتُم بَينَ النّاسِ أَن تَحكُموا بِالعَدل

“Wanneer u tussen mensen beoordeelt, oordeelt u met gerechtigheid ('Adl)” (VBK soera An Nisaa '; aaja 58)

Moge Allah u belonen met het goede.

Antwoord:

Wa alaikoem salaam wa rahmatoellaahi wa barakaatoeh.

Uw vraag betreft een van de voorwaarden voor de benoeming van de Khalifah, zoals vermeld in onze boeken.

In het boek ‘Het staatsbestel van de Khilafah Staat (inzake regeren en bestuur)’:

“De Khalifah moet rechtvaardig zijn ('adl). Het zou onacceptabel voor hem zijn om een Faasiq (overtreder) te zijn. Integriteit is een verplichte voorwaarde voor het contracteren van de Khilafah en haar voortzetting. Dit omdat Allah (swt) bepaald heeft dat de getuige rechtvaardig moet zijn. Hij (swt) heeft gezegd:

(وَأَشْهِدُوا ذَوَيْ عَدْلٍ مِّنكُمْ)

”Laat degenen met ‘adl (rechtvaardigheid) onder jullie getuigen”  (VBK soera At Talaaq; aaja 2)

Dus als de getuige rechtvaardig moet zijn, dan zal de Khalifah die een hogere functie bekleedt en regeert over de rechtvaardige getuige, door overtreffende reden rechtvaardig moeten zijn. Want als rechtvaardigheid voor de getuige is bedongen, moet rechtvaardigheid van de Khalifah vanwege overtreffende reden bestaan.”

De kwestie is zoals je ziet gerelateerd aan het rechtvaardig zijn van de Khalifah (zelf). Dat wil zeggen dat rechtvaardigheid wordt bereikt bij de Khalifah, opdat het een van zijn eigenschappen is. Niet enkel dat hij regeert met rechtvaardigheid of een geschil beslecht middels rechtvaardigheid. De ongelovige (kaafir) zou op rechtvaardige wijze rechtspreken tussen twee rivalen. Ondanks dat de kaafir, die een faasiq is, niet rechtvaardig is.

Daarom is het juiste bewijs (daliel) voor de voorwaarde van rechtvaardigheid hetgeen we benoemden; rechtvaardigheid is voor de getuige verplicht, derhalve is rechtvaardigheid door overtreffende reden verplicht voor de Khalifah.

Samenvattend, de voorwaarde van rechtvaardigheid ten aanzien van de Khalifah, betekent dat hij rechtvaardig is en met rechtvaardigheid oordeelt. Het bewijs hiervoor is de aanwezigheid van de voorwaarde van rechtvaardigheid in de getuige, derhalve is de aanwezigheid van rechtvaardigheid bij de Khalifah door overtreffende reden vereist. Als de Khalifah rechtvaardig is zal hij rechtvaardig oordelen.

Voor wat betreft het gebruik van het edele vers als bewijs (daliel), het betekent het oordelen met gerechtigheid en niet noodzakelijkerwijs dat de persoon die regeert met gerechtigheid of het geschil oplost met rechtvaardigheid, rechtvaardig moet zijn. Omdat, zoals we hierboven hebben vermeld, de kaafir rechtvaardig kan oordelen tussen twee rivalen, terwijl hijzelf niet rechtvaardig is. Daarom is de daliel die wij gebruiken juister. En Allah (swt) weet het beste, Hij is de Alwijze.

Er moet worden opgemerkt dat de term ‘hoekm’, die door de Arabieren gebruikt wordt, taalkundig oordelen betekent, d.w.z. de taalkundige realiteit (haqieqa loeghawiyya).

In het woordenboek ‘Al Lisaan’ wordt vermeld: “En het oordeel (hoekm): is de wetenschap, jurisprudentie en berechten met rechtvaardigheid, het is de bron (masdar) van regeren (hakam, yahkum) (...) Berechting: vonnis: het oordeel).

In het woordenboek ‘Al Moehiet’: “Hoekm met dhamma: het oordeel”

In het woordenboek ‘Moechtaar oes Sihaah’: “Hoekm: oordeel”.

Echter is deze term ‘hoekm’,  een term die werd gebruikt in het tijdperk van de Profeet (saw), de Khoelafaa' Ar Rashidoen en de Arabieren na hen; als zijnde het regeren (hoekm) en de autoriteit (soeltan), welke het gebruik van de term is met diens praktische realiteit (haqieqa oerfiyya).

Aldus heeft de term ‘hoekm’ een taalkundige realiteit zijnde het oordeel, en een praktische realiteit zijnde regeren en autoriteit.

Jullie broeder,

Ata  Bin  Khalil  Abu  Al-Rashta

H. 2 Dhoel Qi'dah 1439 

M. 15 juli 2018

Lokale initiatieven

Algemeen

Amerika, Europa & Australië

Midden-Oosten & Noord Afrika

Azië